De Germaanse Nieuwe Geneeskunde (GNM), ook bekend als de Nieuwe Germaanse Geneeskunde (NGM), is een theorie die in de jaren tachtig werd ontwikkeld door de Duitse arts Dr. Ryke Geerd Hamer. Volgens deze theorie zou iedere ziekte beginnen met een onverwachte en emotioneel ingrijpende gebeurtenis, door Hamer aangeduid als een DHS (Dirk Hamer Syndroom). Een DHS wordt binnen de theorie omschreven als een acute conflictschok die een persoon onverwacht treft en die op dat moment niet adequaat verwerkt kan worden.
Volgens GNM reageert het lichaam op dergelijke conflicten met specifieke biologische programma's. Het type conflict zou bepalen welk orgaan of weefsel wordt beïnvloed. Zo worden binnen de theorie verschillende conflictsoorten onderscheiden, zoals verliesconflicten, scheidingsconflicten, doodsangstconflicten, territoriumconflicten en conflicten rond bestaanszekerheid. Aan elk van deze conflicttypen worden bepaalde organen en ziektebeelden gekoppeld.
De tabel hieronder geeft een overzicht van een aantal veelbesproken ziektebeelden en de conflicten waarmee deze volgens de GNM-literatuur in verband worden gebracht. Daarnaast zijn praktijkvoorbeelden opgenomen om de gebruikte conflictbegrippen begrijpelijker te maken. Deze voorbeelden zijn bedoeld als illustratie van de theorie en geven weer hoe aanhangers van de GNM deze verbanden doorgaans interpreteren.
Binnen de GNM vormen de zogenoemde Vijf Biologische Wetten het fundament van de theorie. Volgens Dr. Hamer volgen ziekten vaste biologische patronen die samenhangen met conflicten, herstelprocessen en de ontwikkeling van organen. De vijf wetten beschrijven hoe een conflict ontstaat, hoe het lichaam daarop reageert en welke rol organen en micro-organismen daarbij volgens de theorie vervullen.
| Nederlandse naam | Engelse naam | NGM-conflict | Praktijkvoorbeelden volgens NGM |
|---|---|---|---|
| Longkanker - longblaasjes | Lung Cancer / Alveolar Lung Cancer | Doodsangst-conflict |
|
| Bronchiale longkanker | Bronchial Cancer | Territoriale angst |
|
| Borstkanker linker borst - klierweefsel | Left Breast Cancer / Mammary Gland Cancer | Zorg- of nestconflict |
|
| Borstkanker rechter borst - klierweefsel | Right Breast Cancer / Mammary Gland Cancer | Partner-, zorg- of nestconflict |
|
| Borstkanker linker borst - melkgangen | Left Breast Duct Cancer | Scheidingsconflict |
|
| Borstkanker rechter borst - melkgangen | Right Breast Duct Cancer | Scheidingsconflict |
|
| Maagkanker | Stomach Cancer / Gastric Cancer | Onverteerbaar brokconflict |
|
| Darmkanker | Colon Cancer / Bowel Cancer | Onverteerbaar brokconflict |
|
| Endeldarmkanker | Rectal Cancer | Vies, smerig of uitwerp-conflict |
|
| Alvleesklierkanker | Pancreatic Cancer | Ernstig onverteerbaar brokconflict |
|
| Leverkanker | Liver Cancer | Verhongeringsconflict |
|
| Slokdarmkanker | Esophageal Cancer | Brok niet kunnen doorslikken |
|
| Nierkanker | Kidney Cancer | Verlatenheids-, vluchtelingen- of bestaansconflict |
|
| Blaaskanker | Bladder Cancer | Territoriaal markeringsconflict |
|
| Prostaatkanker | Prostate Cancer | Seksueel, voortplantings- of mannelijk conflict |
|
| Baarmoederkanker | Uterine Cancer / Endometrial Cancer | Voortplantings- of genderconflict |
|
| Baarmoederhalskanker | Cervical Cancer | Seksueel conflict |
|
| Eierstokkanker | Ovarian Cancer | Verliesconflict |
|
| Teelbalkanker | Testicular Cancer | Verliesconflict |
|
| Botkanker | Bone Cancer / Osteosarcoma | Zelf-devaluatieconflict |
|
| Leukemie | Leukemia | Volgens NGM: herstelfase na zelf-devaluatie |
|
| Lymfoom | Lymphoma | Lokale zelf-devaluatie |
|
| Melanoom | Melanoma | Aanvals-, bevuilings- of verminkingsconflict |
|
| Schildklierkanker | Thyroid Cancer | Brokconflict rond snelheid |
|
Volgens Hamer begint iedere aandoening met een onverwachte en emotioneel ingrijpende conflictschok, het zogenoemde DHS. In een consult wordt daarom gezocht naar het exacte moment waarop de schok is ontstaan.
Daarna wordt geprobeerd vast te stellen welk soort conflict volgens de GNM bij het ziektebeeld hoort. Bijvoorbeeld een verliesconflict, scheidingsconflict, doodsangstconflict, territoriumconflict of zelf-devaluatieconflict.
Hamer stelde dat psyche, hersenen en orgaan altijd samen bekeken moeten worden. Het aangedane orgaan zou volgens hem corresponderen met een specifiek conflict en een specifiek hersengebied.
Binnen de GNM wordt ook gekeken naar links- of rechtshandigheid, geslacht, leeftijd, hormonale situatie en de persoonlijke context van de patiënt. Dit zou volgens Hamer invloed hebben op de interpretatie van het conflict.
De kern van de aanpak is volgens Hamer het oplossen van het conflict. Dat kan binnen de theorie bijvoorbeeld betekenen: een verzoening, een praktische oplossing, financiële rust, afstand nemen van een situatie of het conflict anders gaan beleven.
Na conflictoplossing zou volgens GNM een herstelfase volgen. Symptomen zoals vermoeidheid, zwelling, ontsteking, pijn of koorts worden binnen deze theorie vaak geïnterpreteerd als onderdelen van herstel.
Hamer stelde dat men het biologische programma zo min mogelijk moest verstoren, tenzij er sprake was van een acute noodsituatie. Dit standpunt wijkt sterk af van de reguliere medische behandeling.